28-2-2001 Het college van Burgemeester en
Wethouders van de gemeente Nijmegen laat zich in een reactie nogal kritisch
uit over het advies van Brokx over de gevolgen van de dijkteruglegging
bij Lent. Het college heeft kritiek omdat Brokx niet een advies heeft
afgeleverd dat meer juridisch bindend zou zijn geweest voor de staatssecretaris,
dat wil zeggen meer duidelijkheid op zou hebben geleverd over de schadevergoedingsregeling
voor gedupeerden in Lent en voor de stad. Verder is het college van mening
dat de bereikbaarheid van de stad tijdens de werkzaamheden in het advies
te weinig aandacht krijgt.
De kritiek van het college is op zijn minst vreemd te noemen. Vanaf het
begin van deze kwestie, september jl., heeft het college nagelaten om
de belangen van haar inwoners en van de stad bij het rijk op adequate
wijze te behartigen. Dit college verwijt nu Brokx die door het rijk als
adviseur was ingehuurd dat hij onvoldoende aandacht heeft gehad voor enkele
aspecten.
Toen het college in september werd geconfronteerd met het voorgenomen
besluit van de staatssecretaris heeft het meteen volmondig ja gezegd.
Immers over de financiële compensatie zou men het wel eens worden.
Naderhand werd deze strategie door de meerderheid van de gemeenteraad
goedgekeurd.
En toch was de status van het besluit van de staatssecretaris in het begin
volledig onduidelijk. Het college van B&W van Nijmegen heeft hierover
geen duidelijkheid gekregen. In september lag er nog geen kabinetsbesluit
aan de beslissing van de staatssecretaris ten grondslag. Pas op 15 december
jl. heeft het kabinet besloten dat de mogelijkheid van de dijkteruglegging
niet onmogelijk moet worden gemaakt door ontwikkelingen in de Waalsprong
in verband met de nieuwbouwplannen ter plekke. Ook dit besluit is dus
nog steeds voor meer uitleg vatbaar wat betreft planning en invulling
van een eventuele dijkteruglegging.
Ook de samenhang met het totale waterbeleid in de 21e eeuw is onduidelijk.
Dit onderwerp komt later dit jaar in de Tweede Kamer uitgebreid aan de
orde. In feite is de dijkteruglegging bij Lent ten onrechte uit dit totale
plan gelicht en daarmee uit zijn verband gehaald.
Het college heeft nagelaten om de staatssecretaris eens stevig aan de
tand te voelen over de onderbouwing van haar besluit: hoe zit het met
de gevolgen van de dijkverlegging stroomafwaarts, hoe zit het met alternatieve
oplossingen op andere locaties stroomopwaarts, hoe zit het met alternatieve
oplossingen bij Lent zelf, etc. Daar heeft het college zich door de staatssecretaris
met een kluitje in het riet laten sturen, want alle alternatieven zouden
"immers" later in de MER (Milieu Effect Rapportage) naast elkaar
worden gezet.
Over de financiële compensatieregeling van bewoners en van de stad
was meteen al onenigheid. Het college dacht een harde toezegging te hebben
met betrekking tot een ruimhartige schaderegeling, maar de staatssecretaris
wil tot op heden alleen schade vergoeden die direct door de dijkverlegging
wordt veroorzaakt. Dus is er een grijs gebied welek schade wel en niet
moet worden vergoed.
Als er op zulke wezenlijke onderdelen geen duidelijkheid bestaat, is
een "akkoord, mits ..." uit den boze. Je gaat pas accoord als
je op de belangrijke onderdelen concrete afspraken en toezeggingen zwart
op wit hebt staan. Toch is dat de strategie van het college geweest tot
nu toe. En daarom ook is de kritiek op het advies van Brokx des te opvallender,
want daarmee wijst het college namelijk even goed met de vinger naar zichzelf.
Als het college zijn eisenpakket inclusief een juridische onderbouwing
bij de staatssecretaris op het bordje had gelegd, dan was daarvoor het
advies van Brokx niet nodig geweest.
Brokx wijst er onomwonden op, dat Nijmegen een ijzersterke onderhandelingspositie
heeft. In de Waalsprong gaat het om plannen die door het rijk - via de
VINEX-contracten - en door de provincie - via het streekplan - zijn goedgekeurd.
Als Nijmegen dus de bouwplannen in het Waalspronggebied uitvoert en daarmee
dus niet meewerkt aan de dijkteruglegging, zou het kabinet een groot probleem
hebben, zo stelt Brokx. "De mogelijkheden om Nijmegen te beletten
te bouwen zouden niet eenvoudig zijn. Daarvoor zouden paardenmiddelen
als een aanwijzing op grond van de WRO (= Wet Ruimtelijke Ordening) of
een vernietigings K.B. (= Koninklijk Besluit) moeten worden gebruikt."
(letterlijk citaat uit het advies van Brokx).
Namens de SP-fractie heb ik vanaf het begin gesteld dat het college zich
door zo vroeg en zonder verdere uitwerking akkoord te gaan met het besluit
van de staatssecretaris de troefkaart uit het handen heeft laat spelen.
Op alle onderdelen van het advies van Brokx worden we in dit standpunt
bevestigd.
Opvallend is dat nu het college van B&W met dit advies toch opnieuw
een troefkaart in handen krijgt om alsnog dat te doen waarvoor ze door
de gemeenteraad zijn gekozen, namelijk de belangen van de stad en haar
burgers te behartigen. Brokx bevestigt, dat Nijmegen een ijzersterke onderhandelingspositie
heeft. Het is zaak om nu deze positie nu eindelijk eens te benutten. Als
het college dit zelf niet in de gaten heeft dan moet de gemeenteraad van
Nijmegen zelf het heft maar in handen nemen en het college daartoe opdragen.
Peter Lucassen,
gemeenteraadslid voor de SP,
lid van de gemeenteraadscommissie 'Waalsprong'
Bezoek onze vernieuwde shop. Mooie kleding, leuke gadgets,
interessante boeken en rapporten...